dinsdag 10 mei 2011

Skanking Stuff


“Denk niet wit,denk niet zwart, maar in de kleur van je hart” zong Frank Boeijen in de jaren 80.
“Multiculturalism Rules” klonk het vanonder de Mama’s Pride kiosk op 8 mei 2011.
Op het podium: The Selecter.
Op het podium?
2011???
Die band is toch al lang dood en begraven?
Fout gedacht!
Afgelopen zondag op Mama’s Pride in het Burgemeester Damenpark te Geleen bewezen de vocale oudgedienden van het eerste uur, zijnde Pauline Black en Gaps “De Killa” Hendrickson, aangevuld met The Emperor Mingus (bas), Anthony Harty (gitaar), Winston Marche (drums), Orlando Larose en Nyl Pyzer (beiden saxofoon) en een piepjonge Greg “Nipper” Coulson (toetsen) dat ska nog steeds springlevend is.
Onze moderator wist kort voor aanvang van het net iets meer dan een uur durende optreden te vertellen dat vooral veel oudere jongeren voor deze band naar het park gekomen zouden zijn, maar tijdens het optreden zelf bleek dat een niet verwaarloosbare schare jongere jongeren ook best in deze van oorsprong Jamaicaanse muziekstijl geïnteresseerd is. Slechts één zaak viel er in het publiek 30 jaar na “The same old show on my radio” op: weinig zwartwitgeblokte kleding, nauwelijks gleufhoedjes, laat staan smalle stropdassen in het park en het leek er zowaar op dat echt niemand (ook niet onder die oudere jongeren) nog weet wat skanken is, laat staan hoe je dat doet.


Too much pressure

Gelukkig was daar op zo ongeveer de tiende rij een duo (gematigd oudere jongeren?) die zij aan zij een gratis potje “iedereen kan skanken met Ravensburger” weggaven. Doen rockers het op één en drie, skankers springen op twee en vier. Het is effe wennen, maar oefening baart kunst. Eigenlijk is het best simpel. Ontspan je spieren, gooi om de beurten je linker dan weer je rechterknie de lucht in, beeld je in dat je een stukje gaat rennen, maar let er vooral opdat je voor geen meter vooruit komt. Beweeg daarbij je armen in tegengesteld ritme relaxed op en neer alsof je stiekem bij meneer pastoor aan de kerkkloktouwen trekt – of beter nog, alsof je staand de uiers van een reuzenkoe voor je leeg aan het melken bent- en ziedaar: de skank is yours. Er bestaan allerlei variaties op hetzelfde principe. Toch maakt het niet zoveel uit welke stroming je nou aanhangt. Je hoeft niet al te strak in het ritme te springen en hoofdzaak is dat je er plezier bij hebt.
Dat plezier straalde er bij de Selecter op het podium ook vanaf. Bij Gaps was dat vooral af te zien aan zijn steeds natter wordende hemd. “I’m sweating buckets”, aldus de charismatische lead-zanger op een gegeven moment. Een groter contrast met de uiterlijk kurkdroge zangeres Black (deze uiterst goed geconserveerde jongedame wordt dit jaar trouwens 58!) was nauwelijks denkbaar. Ook beide saxofoonspelers skankten hun koperen instrument in koor van links naar rechts en achter de toetsen sprong een half zo oude, maar bijna dubbel zo enthousiaste Coulson syncopisch met en op de toonladder heen en weer hetgeen een erg aanstekelijk geheel opleverde.


On my radio

Er werden een aantal nummers gespeelde van het inmiddels dik 30 jaar oude “Too Much Pressure” album, maar vol trots werd daar plots ook aangekondigd dat er eind mei een nieuwe single zal verschijnen. Titel: “Big in the body, small in the mind”. Onderwerp: ultrarechtse groeperingen en antifascisme. Een soort van remake van Woody Guthrie’s “All you fascists bound to loose”. The Selecter is haar engagement uit de jaren tachtig duidelijk niet kwijtgeraakt.
Voor wie de springlevende skank gemist heeft op Mama’s Pride: eind juni 2011 volgt een herkansing als The Selecter nog eens in de buurt is met een optreden tijdens het net zo gratis festival “Genk on Stage”.
So all you rude boys and girls: drop on the one and join the skank train.
Genk on Stage, Zondag 26 juni 2011
See ya !


Indeed, You're sweating buckets


Greg hits the keyboard



Guitar solo riff



Two tone

maandag 9 mei 2011

Een beetje vreemd, maar wel lekker !


Pak “Architect” van dEUS, leen een gitaar uit de Entertainment!-tijd van het oncommerciële Gang of Four, draai eens “Real to Real Cacophony” van de Simple Minds (toen ze nog durfden anders dan anderen te zijn) en stel je voor dat een groep jonge mannen vol passie de longen uit hun lijf schreeuwen.
Dan heb je Krach.
Ze heten niet alleen Krach, ze maken ook Krach. En dat in de meest positieve zin van het woord. Wat vanmiddag op Mama’s Pride uit de kiosk geblazen werd deed regelmatig denken aan de experimentele electrorock à la “Atlas” van Battles. Net zo energiek, net zo experimenteel en net zo’n soundbeeps waar je je soms van afvraagt: “Was dat nou vals of was dat de bedoeling?”


Kapitein haak schreeuwt uit volle borst

Was het begin jaren tachtig de reeds genoemde “Gang of Four” die zongen “I love a man in a Uniform”, Krach was vandaag met zijn vijven en de uniformen waarmee ze het podium opkwamen gingen, met dank aan de warme moederdagszon, al snel uit. Nog voor “Do the Wave now” aan de beurt was stond het quintet in hun wifebeaters te dansen en zweten dat het een lieve lust was en op “So I do a little dance” liep de temperatuur zowat op tot the boiling point. Niet verwonderlijk dat de bretels van Kapitein Haak halverwege werkeloos rond zijn bovenlichaam zwengelden. Speel je de gitaar bij de plaatselijke feesten en partijtjesband dan is dat geen probleem, speel je bij Krach, dan is dat toch andere koek. Maar, de mannen komen van goeden huize want uiteindelijk slaagden ze er allemaal in die broek handmatig op te houden en gelijktijdig toch nog hun instrument te bespelen.

Een uiteenlopende mix van bleeps, electrorock, gitaarrifs en stevig vlammende drumbeats maakte dat het voor het podium steeds drukker werd. Jammer dat ze maar 40 minuten mochten spelen, maar de mannen gingen er die 40 minuten dan ook voor de volle 100% voor, zo demonstreerden ze tot het bittere eind.


Bleep goes clap

“Het laatste nummer wat we gaan spelen is een beetje bluesrock. Dat schijnt hier helemaal de bop te zijn”, Aldus frontman Haak, om vervolgens met megafoon en al het publiek in te springen en te demonstreren wat vanmiddag om Mama’s Pride nou écht de bop was.

Dat mogen we graag zien, zo’n raggende krullenman die met de megafoon in de hand tekeer gaat tussen de kuise mama’s.
In de stands (“bij de merchandising”) zijn er oordopjes à 1 euro te koop.
Voor als het je allemaal teveel wordt.
Shout and play it loud!
Veertig minuten zijn snel voorbij. Veel te snel. Gelukkig hebben we de foto’s nog.
Krach; een beetje vreemd maar wel lekker…


Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst

Megakrach

Haak goes bezerk

zondag 8 mei 2011

Oet Limburg kump de meziek!

Crispy message
Wat je van ver haalt is lekker, zo wil het gezegde, maar gisteravond werd in het Geleense Burgemeester Damenpark weer eens bewezen dat die vlieger niet altijd opgaat.
Mama’s pride (het gratis cadeautje voor mama’s en andere gezelligheidsbeesten) had achtereenvolgens The Limburg All Star Funk Connection, Lucy Iris, Chef’Special en The Kleptones voorgeprogrammeerd staan. Om achteraan te beginnen: van onze gasten uit Brighton (U.K.) mochten we, zittend in de eigen achtertuin, een kleptomanische mix met elementen geleend van de Beatles tot Rage Against the Machine meekrijgen. De beste mannen zijn, dat mag gezegd worden, wel zo eerlijk om in hun groepsnaam te vermelden dat het geen 100% eigen werk is wat ze ten gehore brengen, maar van beide uitersten op de muzikale notenbalk geven zowel Bloodwoosj alsook Bloomefiemel toch eerder de voorkeur aan de originele versies dan aan de geleende. Vandaar die achtertuin. Wel nog live werden we even daarvoor aan de rand van de spontaan gecreëerde moshpit van het Haarlemse Chef’Special opgeschuurd. Dat was al een stuk origineler dan de kleptomaan erna, maar aan de andere kant, welke Hollandse boerenjongen heeft het nou nodig om zijn publiek tegemoet te treden met een “Crispy as Fuck” shirt (Registered trademark à 45 euri) daarbij zijn landgenoten van tijd tot tijd in het engels toereppend? Soms had het iets, soms had het net niets. Nee, dan verheugen we ons eerder op de sessie van vandaag met Jack Parow die het wel aandurft in zijn eigen moerstaal zingend de landsgrenzen te passeren.

Moshpit goes pogo
Een uurtje eerder was daar een duidelijk zenuwachtig Lucy Iris die volgens onze moderator voor het eerst voor zo’n groot publiek mocht optreden. Het 28-jarige meisje oorspronkelijk afkomstig uit het Amerikaanse Florida, maar tegenwoordig in Nederland residerend, kon niet echt overtuigen met haar uit de jaren tachtig afgekeken sound. Vooraan stonden enkele heren dan wel heftig te springen op de soms bombastische aandoende rock, maar echt veel verder naar achter reikte ze niet. Geen wonder ook als je regelmatig met gesloten ogen staat te zingen en je toetsenist liever wegduikt achter zijn Virus-TI synthesizer dan contact te maken met het publiek waarvoor hij speelt. Op de videomuur werd getwitterd dat er een blonde Nena op het podium stond. Toegegeven, Nena was ook wel eens te zien in een zwartwit gestreept truitje, maar dat van haar was tenminste nog aan beide zijden op dezelfde temperatuur gewassen. En daarbij, ze kwam altijd een stuk meer bevlogen over dan Lucy die volgens haar paspoort eigenlijk gewoon Jennifer heet. Vroeger maakte Jennifer country-achtige muziek maar een producersduo heeft haar naar Nederland gehaald en haar omgeturnd tot popzangeres Lucy. Een soort X-Factor zeg maar, maar dan achter de schermen.

Bombastic song with eyes wide shut
Nee, de ware X-Factor had de vette poep (ABN: “vette shit”) die met de opening van Mama’s Pride door de lucht vloog. Daar mag mama nou nog eens met recht trots op zijn.
Cool bold sunglasses vol zichtbaar jolijt aan de bassnaren plukkend, unne Zittesje Jong die gekke bekken trekt achter zijn Hammond en net iets te druk bezig is om nog een peuk te kunnen roken, naar goede Limburgse gewoonte een hevig transpirerende en heftig funkende tröötsexy, aan de overzijde een net zo vingervirtuoze gehoede synthesist, achterin een Molukse slagwerkmotor, en helemaal voorin een trio bestaande uit een enthousiaste Ms. Teeeeeeee, een gefunktransplanteerde Guitarman en als kers op de taart de prettig gestoorde broer van Zaza Zebra.

Zebra goes funky
Voor die laatste werkten sommige pillen naar eigen zeggen niet, maar gezien de energie waarmee hij over het podium heen en weer flipte was hier ook geen dokter voor nodig. De enigen in de zaal die misschien een dokter nodig hadden waren twee uitsmijters die bovenop de Genkse dubbeldekker hun best deden om bij ieder nummer zo mogelijk nog bozer het publiek in te kijken dan ze even tevoren al deden.
Waar de navolgende drie bands vooral met uiterlijke en/of geleende hulpmiddelen ziel en zaligheid naar het publiek trachtten over te brengen, straalden fun, funk en soul er bij de Limburg All Star Funk Connection er zichtbaar van binnenuit komend af.
That’s the way, aha aha, I like it!

Guitarman funks the fun

Deze funky shit speelt geen muziek vanwege het grote geld en ook niet vanwege het feit dat ze het -al dan niet met hulp van popkenner Giel B- tot 3FM serious talent zouden kunnen schoppen, maar gewoon omdat het leuk is. En dat straalde er zoals gezegd ook aan alle kanten vanaf.
Funky Guitarman begon met een Troutman-achtige Talkboxzang die wat ons betreft in menig volgend nummer best nog eens terug had mogen keren, van de zijkanten wedijverden een Dirty-Mind synthesizer en een Sittardse Hammond regelmatig of nu eens funk dan weer soul de boventoon mocht voeren, de broer van Zaza Zebra ging uit zijn dak op de Funky Chicken, van achter de zonnebril werd gretig geplukt aan de bas, trööte was troef en ms T. voelde zich duidelijk beter in haar element dan de geïmporteerde Jennifer a.k.a. Lucy.
Funk y’all serious talents to the mothershipconnection; voor wie het na gisteravond nog niet wist: Oet Limburg kump de Meziek!

Limburg All Star Funk Connection

Trööte is Troef!

Ms. T says: clap your hands!

Muzikale Zittesje naas

Na afloop: tied veur un pafke

dinsdag 3 mei 2011

Ora et Labora



Klooster Mariawald te Heimbach

Heiligen boven de ingang van de kloosterkerk
Klooster Mariawald bij Heimbach is de enige cisterciënzer abdij in Duitsland die nog geleid wordt door trappisten die strict naar de regels van Benedictus leven. De Pietà waaromheen in 1470 in eerste instantie een kapel en enkele decennia later een priorij gesticht werd is al lang niet meer te bezichtigen in de abdij. Toen het oorspronkelijke monniken-klooster in 1795 onder Franse heerschappij werd opgedoekt werd de Pietà verscheept naar de enkele kilometers verderop in Heimbach gelegen Clemenskerk. Ook het Antwerps retabel waarin de Pietà in 1520 werd geïntegreerd verhuisde daarbij mee naar het dorp en valt niet meer te zien in de huidige abdijkerk.
De oorspronkelijke kerkvensters waren blijkbaar ook de moeite waard, maar konden niet voor de streek behouden worden. Ze werden verscheept naar Engeland om daar over twee verschillende plekken verdeeld te worden. Eén helft valt te bewonderen in het Londense Victoria en Albert museum, terwijl het andere deel te zien is in St. Stephen’s Church te Norwich.

Paasvespers
De nieuwe abdijkerk uit 1891 ziet door het verlies van vensters, retabel en pietà nogal kaal uit. Ook met de personele vulling is het niet super gesteld. Momenteel wonen, werken en bidden er onder leiding van Abt Josef Vollberg nog 14 monniken in het kloostercomplex, waarvan we er afgelopen Paasmaandag zegge en schrijve vier tijdens de Vespers in de kerk konden aantreffen.
Leegte en gemis op een rijtje zettend zou je denken dat de abdij Mariawald op sterven na dood is. De lokale bevolking weet echter beter. In het weekend en in de zomer bij mooi weer zelfs iedere dag, zitten Klostergaststätte en aanliggende terras tjokvol. Wandelaars op doortocht maken er een korte stop om de inwendige mens aan te sterken, maar ook auto- en motorrijders zijn er graag geziene gasten. De parkeerplaats kan ruim een honderdtal voertuigen kwijt en staat een groot deel van de dag nagenoeg vol.
Bezoekers zouden net zo goed onderweg langs een van de vele Bikertreffs, met een doorgaans uitgebreidere menukaart een stop kunnen maken, maar velen doen dat niet en trekken doelbewust naar Mariawald.
Het geheim?
Mariawalder Erbsensuppe. Zelfs bij 25 graden Celsius zitten de terrassen vol met aan erwtensoep met bokworst gevulde kommen lurkende bezoekers.

Mariawalder erwtensoep, ook geserveerd bij 25 graden Celsius...
De abdij staat wijd en breid bekend om haar unieke erwtensoep. Toen na WO2 het klooster opnieuw opgebouwd werd, was het volgens de monniken was het belangrijk dat aanreizende pelgrims aan het einde van hun tocht een stevige maaltijd aangeboden kregen. In de jaren 50 van de vorige eeuw verfijnden ze hun recept voor erwtensoep tot een unieke en zeer herkenbare smaak. Tegenwoordig vindt de soep niet alleen vers dampend op het terras maar ook in ingeblikte vorm via de bijliggende kloosterwinkel en via de Mariawalder internetshop gretig aftrek. En dat alles zonder moderne hulpmiddelen en uitsluitend onder toevoeging van natuurlijke ingrediënten.
Naast de beroemde erwtensoep worden vanuit de abdij overigens ook boeken, monniken-honing, monniken-likeur en monniken-mosterd in niet onaanzienlijke hoeveelheden verkocht.
Geen wonder die leegte tijdens de Paas-vespers, vandaar ook het monsterverlies van de thuisclub tijdens de vandaag gespeelde Mariawalder derby Ora versus Labora : 4-11

donderdag 17 maart 2011

Suske en Wiske en de Sterrenplukkers

Jodenster
Nationaal Monument Westerbork

Datum: Woensdag 9 maart 2011
Plaats: Terrein Voormalig Kamp Westerbork
Tijdstip: 12.18 uur
Hoofdpersoon: Mama

Op het terrein van het voormalige kamp Westerbork staan verschillende monumenten. Zo is er op de plek waar de spoorrails in het kamp eindigden het Nationaal monument Westerbork te vinden, een stel kromgebogen rails die in de lucht eindigen.

Iets meer naar het centrale punt van het kamp, op de vroegere appèlplaats, herinnert het zogenaamde Monument met de 102.000 Stenen aan de 102.000 mensen die vanuit het kamp werden gedeporteerd en het niet overleefden. De rode stenen die variëren in hoogte zijn aangebracht in de vorm van de landkaart van Nederland,als symbool voor het feit dat de vanuit het kamp in de oorlog gedeporteerde Joden afkomstig waren uit het hele land. Op de kop van de meeste stenen is een davidster te zien, iets meer dan 200 zijn met een vlammetje uitgevoerd en staan symbool voor een groep Roma die via kamp Westerbork gedeporteerd en grotendeels om het leven gebracht werden.

Monument met de 102000 sterren

Voor ontzettend veel overlevenden en nabestaanden is nergens meer iets terug te vinden van hun familieleden, vrienden of kennissen. Geen graf, geen urn, geen gedenksteen met hun naam, geen enkele plek ter wereld waar zich een laatste rustplaats bevindt.
Door veel mensen wordt het Monument met de 102000 stenen daardoor ervaren als een directe verwijzing naar hun dierbaren en de enige plaats waar ze het gevoel hebben nog iets tastbaars te hebben dat hen verbindt met de overledenen.

Tijdens hun bezoek aan het voormalige kamp waren Bloodwoosj en Bloomefiemel vorige week woensdag getuige van een –eufemistisch uitgedrukt- merkwaardige gang van zaken.

Een gezin bestaande uit vader, moeder, zoon en dochter, lopen over het kampterrein.
Vader en zoon lopen richting de kromgebogen rails van het Nationaal Monument terwijl moeder en dochter zich temidden van het Monument met de 102000 stenen bevinden.
Zegt dochter (ca. 12 jaar) tegen moeder: “Mama, papa wil ook graag zo’n sterretje”.
Waarop moeder zich bukt en zonder schaamtegevoel ijverig begint te pulken aan een van de blinkende davidsterren op een steen, net zo lang totdat ie eraf is.



Je maakt wel eens momenten mee in je leven waarop er in een flits door je heen gaat: “Dit kan niet aan het gebeuren zijn.”
Vorige woensdag bleek eens temeer: sommige volwassenen zijn het stadium van Suske en Wiske nog niet helemaal ontgroeid.

Na een extra donatie in de giftenbox van het herinneringscentrum hebben we ons voorgenomen bij de eerstvolgende vallende ster die we zien een wens te doen voor mama. Wat die wens is mogen we niet zeggen, anders zal hij niet uitkomen, maar het heeft in ieder geval iets met hoop en wijsheid te maken…

vrijdag 24 december 2010

De ware reiziger

De Kilimanjaro, met 5892 meter de hoogste berg van Afrika.
Te beklimmen gedurende een 11-daagse avontuurlijke reis door Tanzania.
Prijs: 1250 euro, exclusief de retourvlucht NL-Tanzania en exclusief ontbijt en diners ter plekke. Plus nog wat bijkomende kleine onkosten.

“Wijn, wildlife, water en woestijn”
Een 17-daagse reis waarbij je zelf je huurauto mag besturen brengt je naar de mooiste plekjes van Australië voor de som van 4405 euro p.p. mits je met z’n tweeën gaat. Reis je alleen, dan is het ietsje duurder.

Liever 8 dagen op winterreis naar IJsland?
Vanaf 1095 euro (exclusief de maaltijden) ben je de man (of vrouw) en mag je middels een rondreis genieten van de winterpracht op dat ver noordelijk gelegen eiland dat nog net tot Europa behoort.

Europa te dichtbij? 8 dagen te kort?
Ga dan mee op een 18-daagse reis door het onbekende en omstreden Myanmar (voorheen Birma). Let op: bij de vanaf-prijs van 895 euro zijn de intercontinentale vlucht, maaltijden, visumkosten etc. niet inbegrepen.

Boekbaar sinds begin deze week: een wandeling door het besneeuwde Geleenbeekdal.
Afstand tot thuis: voor B&B net iets meer dan 1 kilometer.
Prijs: gratis



De ware reiziger is hij die traag wandelt en zelfs dan, staat hij nog regelmatig stil.
Colette









dinsdag 30 november 2010

Een wondere wereld

O.L.V. van Rust
Gisterenmiddag viel de eerste sneeuw van de nieuwe winter en na de langste avondspits van het jaar mochten we vanochtend ontwaken in een met een wit tapijt bedekt landschap.
Verrassend om te zien hoe nog geen 5 cm sneeuw het aanzien van wereld om ons heen in één nacht compleet kan veranderen.
Groene grasvlaktes, bruine akkers en veldwegen vol blubber werden tijdens een nachtelijke metamorfose tot een doorlopend geheel gesmeed, want allemaal bedekt met hetzelfde witte laagje van dat koude maar maagdelijk witte spul.
Met recht een wondere wereld.

Ondanks de kou, of juist dankzij de kou, is de gastvrijheid voor de minder bedeelden op veel plaatsen onverminderd groot. Zo was vanmiddag op het journaal te horen dat burgermeester van der Laan van Amsterdam een noodverordening heeft uitgevaardigd waarin aangekondigd wordt dat het gezien de extreem koude weersverwachtingen de komende week ‘s-nachts tussen 23.00 en 07.00 uur verboden is om de nacht in de buitenlucht door te brengen. Opvangcentra voor thuis- en daklozen hebben hierop aangekondigd dat ze ook in geval van een enorme toeloop op de nachtopvang in geen geval een bordje “vol” aan de voordeur zullen hangen. “Er is hier altijd nog wel ergens een plekje te vinden voor iemand die geen dak boven zijn hoofd heeft”, aldus een woordvoerster. Om de verwachte toestroom aan te kunnen worden er 224 extra bedden geïnstalleerd. “De gemeente Amsterdam ziet het als haar taak om kwetsbare burgers te beschermen tegen deze extreme weersituatie als zij hier zelf niet, of onvoldoende, toe in staat zijn. Door onvoldoende bescherming tegen de kou bestaat een kans op onderkoeling en gezondheidsproblemen, mogelijk zelfs met dodelijke afloop.

Tijdens een korte wandeling door de sneeuw mocht Bloodwoosj vanmiddag aanschouwen dat ook op kleinere schaal de gastvrijheid onverminderd hoogtijdagen viert. Waar je normaal genomen zou verwachten tijdens de ijzige kou voor gesloten deuren te staan nemen buurtbewoners zelfs bij het kleinste kapelletje de moeite ’s ochtends de deuren open te maken voor een gebed en gedurende de nacht weer netjes af te sluiten.
De deur stond al op een kiertje en nieuwsgierig als we zijn moest binnen natuurlijk ook een kijkje genomen worden. Daar bleek echter dat de gastvrijheid van Onze Lieve Heer, in tegenstelling tot die van de Amsterdamse opvangcentra, wèl zijn grenzen kent.

Wat gebeurt hier met de noveenkaarsen?

altaar

Zou men zo verlegen zitten om een verwarmend vlammetje?
Een wondere wereld…

dinsdag 26 oktober 2010

Vue nucléaire / Nucleair view

Kerncentrale Cattenom
Nachtelijk uitzicht vanaf de begraafplaats van Koenigsmacker (Noord Frankrijk) op de kerncentrale van Cattenom gelegen aan de andere zijde van de Moselle.

De kerncentrale is uitgerust met vier reactoren die elk goed zijn voor ruim 1300 MW en samen voorzien in ongeveer 8% van de stroombehoefte van Frankrijk. In 2007 was de centrale met een productie van 37 TWh zelfs de grootste stroomproducent van heel het land. De centrale biedt werk voor ongeveer 1150 mensen van de firma EDF (Électricité de France) en nog eens 850 mensen van externe onderhoudsbedrijven. De bouw van de centrale werd gestart in 1979 en in 1986 werd de eerste reactor in bedrijf genomen, ondanks massale protesten vanuit met name buurland Duitsland.
In september 2010 protesteerden opnieuw een duizendtal inwoners van de grensstreek Luxemburg, Duitsland en Frankrijk tegen de aanwezigheid van de centrale, naar hun mening een tikkende tijdbom voor Europa. Volgens een woordvoerder van het actiecomité “Neen tegen Cattenom” hebben zich tussen 1986 en 2006 maarliefst 710 min of meer ernstigere incidenten voorgedaan in de centrale. EDF en de Franse overheid hebben duidelijk andere plannen voor de toekomst. Op 7 oktober 2010 werd aangekondigd dat men serieus gaat onderzoeken of met een extra investering van 2,4 miljard Euro de levensduur van de centrale met 40 jaar verlengd kan worden.
Gek toch dat als kerncentrales zo veilig zijn als beweerd wordt dat men ze vrijwel overal nabij de landsgrenzen aantreft…

woensdag 1 september 2010

KZ Natzweiler-Struthof: Één schilder, één landschap, twee schilderijen

Één landschap - twee schilderijen
Gearresteerd en gevangen genomen, gedeporteerd en vervolgens tewerk gesteld in de groeve van concentratiekamp Natzweiler-Struthof. Doel o.a.: graniet winnen dat nodig was om naar het plan van Albert Speer te bouwen aan Hitler’s Welthaupstadt Germania, de toekomstige hoofdstad van het Derde Rijk als de oorlog eenmaal gewonnen zou zijn. Dat is naar schatting 52.000 mensen, veelal afkomstig uit het verzet in geheel Europa, gebeurd tussen mei 1941 en november 1944.
Het zogenaamde Nacht-und-Nebel kamp was het enige door de nazis gebouwde en gecontroleerde KZ op Frans grondgebied gedurende WO II en was o.a. bedoeld om opgepakte verzetsmensen spoorloos te laten verdwijnen.

Ongeveer 22.000 gevangenen hebben het niet levend kunnen navertellen.
Wie het wel overleefde was de auteur Boris Pahor. Opgepakt op basis van twee krantenartikeltjes in zijn nachtkastje maakte de Sloveen in nog geen anderhalf jaar tijd een gedwongen reis door een vijftal duitse concentratiekampen, waaronder Natzweiler-Struthof. Eind jaren zestig, na een bezoek aan het kamp temidden van toeristen, documenteerde hij zijn herinneringen in het boek “Necropolis” (stad der doden). Hij omschreef zijn gevoelens en herinneringen als “Ik ben een bewoner van dit oord”, daarmee doelend op het feit dat menig verder reizend toerist wellicht al bezig is met de planning voor de volgende dag, terwijl hij zelf nooit meer zal kunnen ontkomen aan het hier beleefde.

Een informatiezuil in het enkele jaren geleden gebouwde documentatiecentrum verwoordt het contrast tussen het vreedzame en prachtige uitzicht over het Vogezenlandschap enerzijds en de beladen geschiedenis van het kamp anderzijds treffend:
Het is alsof de schilder hier twee verschillende schilderijen heeft gemaakt van hetzelfde landschap






Cellenblok





Bonjour mon frère…

Cruauté, barbarie, sadisme,
appelle ça comme tu voudras
On a vraiment peine à croire,
et pourtant c'est comme ça.
Tu ne me crois toujours pas,
mais regarde,
regarde autour de toi
Regarde-les tous,
les copains,
tous,
et puis regarde-moi,
Que suis-je?
Un paquet d'os,
un déchet humain,
un simple numéro
Ou tout cela à la fois,
c'est-à-dire
zéro, plus zéro, égal zéro
Gegroet mijn broeder…

Wreedheid, barbaarsheid, sadisme,
noem het zoals je wilt
Het is echt moeilijk te geloven,
en toch is het zo.
Je gelooft me nog steeds niet,
maar kijk,
kijk om je heen
Bekijk ze allemaal,
de vrienden,
allemaal,
en kijk dan naar mij.
Wat ben ik?
Een zak botten,
een menselijk wrak,
een eenvoudig getal
Of al dat tegelijk,
dat wil zeggen
nul, plus nul, gelijk nul


Eugène Marlot, gedeporteerde uit Natzweiler




Urnenruimte

dinsdag 31 augustus 2010

Walking with dinosaurs

Voetafdruk van een diplodocus
Op een regenachtige dag in 2004 was Jean-François Richard aan het joggen nabij Loulle (Frankrijk, Jura/39) toen zijn oog bij het passeren van een verlaten kalkgroeve viel op een ovale plek op de grond die vol was gelopen met regenwater. Zijn geoefende geologische oog meende meteen te weten dat hij een voet-afdruk van een dinosauriër gevonden had. Bang dat anderen met zijn ontdekking aan de haal zouden gaan wachtte hij eerst af en ging op zoek naar een erkend instituut dat de juistheid van zijn vermoeden zou kunnen bevestigen. Bijna een jaar later was het zover en uiteindelijk heeft het ruim 3 jaar geduurd eer alle wetenschappelijke onderzoeken beëindigd waren. Sindsdien heeft Loulle een attractie van formaat erbij, alhoewel de toerist goed moet zoeken om de juiste plek te vinden en er zelden meer dan drie auto’s op de naastgelegen parkeerplaats staan.
En dat terwijl het voorkomen van goed bewaarde dino-voetafdrukken (zogenaamde indirecte fossielen) zeldzamer is dan bodemvondsten van botten (directe fossielen). In totaal heeft men op 3000 vierkante meter zo’n duizendtal dino-afdrukken gevonden en om ze beter zichtbaar te maken heeft men afdrukken die bij elkaar horen voorzien van eenzelfde kleurtje verf. Zo zijn er een aantal sporen, rood, blauw of paars gekleurd die de volledige breedte van de groeve oversteken. Bij één van de sporen lijkt het zelfs alsof mama dino met een kleintje ernaast gelopen heeft. De afgelopen winter en de zon hebben flink huisgehouden want een aantal kleuren zijn al bijna volledig weg gebleekt. Wetenschappelijk onderzoek heeft uitgewezen dat de voormalige kalkgroeve ooit een gematigd vochtige plek was die door dinosauriërs als “oversteekplaats” tussen twee minder begaanbare gebieden werd gebruikt. Op een gegeven moment is er in een vrij korte periode veel zand en sediment over de plek heen gekomen hetgeen vervolgens relatief snel tot kalksteen is verworden, waardoor de voetafdrukken in de onderliggende hardere laag versteend zijn. Tijdens het onderzoek van de afgelopen jaren heeft men stukje bij beetje de zachte bovenlaag uit de niet meer in gebruik zijnde groeve eraf geschraapt en is een grote vlakte vol sporen tevoorschijn gekomen. De tak van wetenschap die zich bezig houdt met het onderzoek naar voetafdrukken van dinosauriërs heeft een eigen naam: paleo-ichnologie. Paleo-ichnologen kunnen aan de hand van dino-sporen uitspraken doen over soort dinosaurus, gewicht, grootte, bewegingssnelheid enzovoorts.
Het meest voorkomend in de kalkgroeve van Loulle zijn ronde voetafdrukken, variërend in doorsnee van 20 tot 90 cm. Deze afdrukken zijn afkomstig van de diplodocus, een plantenetende dinosauriër die op vier poten tegelijk liep. De diplodocus kon een maximum lengte bereiken van 25 meter en ongeveer 12000 kg zwaar worden. Minder in aantal, maar minstens zo boeiend zijn de drietenige sporen van een zogenaamde theropode. Theropoden waren vleesetende dinosauriërs die op hun twee achterpoten liepen. De bekendste theropode is de Tyrannosaurus Rex, een reusachtige vleesverslindende dino met een schouderhoogte van 3,50 meter en een lengte van meer dan 10 meter. Alle gevonden afdrukken hebben een leeftijd van ongeveer 150 miljoen jaar.
Om schade door al te nieuwsgierigen te voorkomen (er schijnen ooit zelfs mensen met hun auto over de sporen heen te zijn gereden) is de rand van de groeve afgezet met stenen, maar geïnteresseerden mogen er te voet in, om ook eens te proberen in de 155 miljoen jaar oude voetstappen van dinosauriërs te wandelen.
Bloodwoosj en Bloomefiemel hebben na eigen wetenschappelijk onderzoek in Loulle geconstateerd dat ze nog flink wat spek met ei moeten eten, willen ze even grote stappen als de dino’s in de prehistorie kunnen maken.

Bloomefiemel volgt een theropode
Bloodwoosj volgt een diplodocus
Nog flink wat spek eten !